Met vele checklists, die helpen niets over het hoofd te zien

Checklist Waarborgfonds (archief)

Gewijz.
22-03-2007

  • Iedere benadeelde (voetganger, fietser, eigenaar motorvoertuig) kan een beroep doen op het Waarborgfonds Motorverkeer wanneer in Nederland schade is ontstaan in Nederland in het verkeer, veroorzaakt door:
    - een onbekend gebleven motorrijtuigbestuurder, die is doorgereden na het ongeval;
    - een niet-verzekerde motorrijtuigbestuurder;
    - een bestuurder van een gestolen motorrijtuig, die wist dat het voertuig gestolen was;
    - een motorrijtuig, verzekerd bij een verzekeraar, die in staat van onvermogen verkeert (failliete verzekeraar);
    - een motorrijtuigbestuurder, die op grond van gewetensbezwaren is vrijgesteld van de verplichting tot verzekering en met wie de schade niet of niet volledig geregeld kan worden.

  • Vereist:
    - Er moet vaststaan dat niet uzelf, maar een tegenpartij aansprakelijk is voor de schade;
    - De schade moet zijn veroorzaakt door een (ander) motorrijtuig of door een daaraan gekoppelde aanhangwagen;
    - De schade moet zijn ontstaan onder één van de hierboven genoemde omstandigheden;
    - U moet, - indien de schadeveroorzaker onbekend is -, alle mogelijke moeite doen om achter de gegevens van de tegenpartij te komen;
    - Wanneer de tegenpartij bekend is, moet u hem/haar een aanmaningsbrief zenden. Een kopie van die brief voegt u bij uw aan het Waarborgfonds te richten verzoek om schadevergoeding;
    - Voor materiële schade geldt een eigen risico van Euro 136,-;
    - Voor letselschade geldt geen eigen risico.

  • Bewijs:
    - In beginsel, en dit geldt zeker voor schaden aan motorrijtuigen die aan het verkeer deelnemen, is bewijs door middel van ooggetuigen vereist;
    - De alleenstaande verklaring van de benadeelde, zonder bijkomend bewijs, is onvoldoende;
    - Of aan een rapport of Proces-Verbaal van de politie bewijs kan worden ontleend, is afhankelijk van de vraag wat de politie uit eigen waarneming omtrent de toedracht kan verklaren.

  • Bij schade aan een geparkeerd voertuig, kunnen tot het bewijs bijdragen:
    - verklaringen van personen, die gezien hebben dat uw motorrijtuig onbeschadigd werd geparkeerd en daarna op dezelfde plaats met schade werd aangetroffen (een enkele verklaring van belanghebbende is onvoldoende);
    - Getuigen of politie die wellicht gezien hebben dat naast of onder uw auto afgereden delen, glas of modder uit een spatbord e.d. op het wegdek zijn aangetroffen;
    - Een bevestiging van omwonenden die bijvoorbeeld het geluid van een botsing hebben gehoord.

  • Bewijzen betrokkenheid:
    - Een voetganger, fietser of de eigenaar van een geparkeerd voertuig, behoeft slechts de betrokkenheid van een motorrijtuig bij het otstaan van de schade te bewijzen en niet de schuld van de bestuurder van dit motorrijtuig;
    - Naast het bewijs door ooggetuigen is het soms mogelijk enig bewijs te ontlenen aan constateringen door de politie op de plaats van het ongeval;
    - De plaats waar het slachtoffer wordt aangetroffen, in onderlinge samenhang met de aard en ernst van het letsel, kunnen eveneens aanwijzingen geven.

  • Bron: www.wbf.nl

Print-versie Start Populair Over ons Mail pagina